Naar Doetinchem
’s Ochtends ga ik, voor het laatst, naar het UMC. Ik herinner me hoe ik hier, ruim 4 weken geleden, voor het eerst naar binnen liep. Zo groot, indrukwekkend en vreemd. Nu voel ik me hier gewoon ‘thuis’.
Op de afdeling bedank ik de verpleegkundigen die er nu zijn en geef de traktatie af. Wel jammer dat het afdelingshoofd er vandaag niet is; daar hebben we regelmatig even mee gepraat, een heel vriendelijke en ‘open’ vrouw.
De laatste spullen voor Bert in het koffertje doen en dan vertrek ik. De ambulance is er nog niet, maar het lijkt me fijn in het Slingeland te zijn als hij aankomt, dus ik ga liever wat eerder.
Thuis de spullen uitpakken en vast de wasmachine aanzetten; Bert zou pas rond 11 uur uit Utrecht vertrekken, dus ik hoef me niet te haasten.
Tegen twaalf uur ben ik op de afdeling in het ziekenhuis; ook hier voelt het weer ‘vertrouwd’. Van de vorige twee keer herken ik nog verschillende verpleegkundigen.
Dan komt de brancard eraan en wordt Bert naar de kamer gebracht, een eenpersoonskamer deze keer.
Verschillende verpleegkundigen komen hem begroeten; iedereen is wel onder de indruk van alles wat er in de tussentijd is gebeurd en van de diagnose. Ook valt hen op hoeveel hij in de tussentijd verder achteruit is gegaan…
’s Avonds bezoek van Fons en Bernadet; ook in Utrecht zijn zij regelmatig op bezoek gekomen, dan is dit toch een stuk handiger. Bernadet heeft de informatie over hun bouwbedrijf; kan ik via de site een aanvraag doen voor een adviesgesprek en eventueel offerte.
Bert en ik hebben afgesproken dat we in elke geval alles willen uitzoeken voor een eventuele aanbouw. Of de gemeente dat wil betalen weten we nog niet, maar anders doen we dat zelf. Bert is daar erg huiverig voor; hij is bang dat straks alles geregeld en betaald is en dat hij dan snel komt te overlijden. “Dan zit jij met heel veel extra kosten, dat wil ik niet.” We hebben afgesproken dat ik het allemaal goed ga uitzoeken, ook de financiën. Maar het alternatief is dat Bert niet thuis kan wonen, en een verpleeghuis is iets waar we allebei niet aan willen denken.

