Studenten

’s Ochtends weer naar Utrecht; ik zit in een totaal ander ritme; regelmatig voelt het als een rare film waar we middenin zitten. Raar en angstig, met de grote onzekerheid. Want we weten nu iets meer wat het niet is, maar wat is er dan wel aan de hand? En vooral: waar moeten we voor de komende tijd op rekenen?


Bert heeft gelukkig minder last van zijn nek vandaag; fijn, kunnen we vanmiddag met bezoek weer even naar de koffiecorner gaan.

Ik ben er nog maar net als er een onbekende arts aankomt. Hij heeft een verzoek: “Ik begeleid een groepje excellente jonge studenten, die een versnelde opleiding mogen doen. Zij moeten leren een anamnese af te nemen bij een patiënt. Nu hoorde ik dat u goed kan vertellen en dat uw ziekteverloop best bijzonder is geweest. Mogen zij met u dat gesprek doen?” Nou, dat klinkt best leuk. Er staat vandaag geen speciaal onderzoek op het programma, dus dit is dan een goede afleiding.


Na de lunch gaan we met de rolstoel naar een aparte kamer voor de anamnese. De arts legt nog even uit wat de bedoeling is: zij moeten de vragen stellen en wij moeten daar antwoord op geven, maar eigenlijk niets ‘vanzelf’ vertellen.

Het is grappig om mee te maken; er wordt een ‘leider’ gekozen die de vragen stelt, maar de anderen komen steeds met suggesties. Iedereen zit ijverig te schrijven en als de vragen ‘opdrogen’ wijst de hoogleraar ze op de methode van doorvragen die ze eerder hebben geleerd.

De studenten zijn in twee groepen verdeeld, dus het zijn twee rondes. Als iedereen alles denkt te weten, is er bij de tweede ronde een jongen die vraagt: “Heeft u trouwens nog wel wat gevoel in uw benen of voeten?” Bert vertelt dat hij alles nog gewoon voelt. Ze kijken allemaal stomverbaasd en beginnen ijverig te schrijven; lijkt me een goed ‘leermomentje’. Als benen het niet meer doen betekent dat dus niet dat ze gevoelloos zijn.


Eind van de middag ga ik naar mama; daar eet ik vandaag en ’s avonds gaan mama en René mee op bezoek. Als we weer naar huis gaan, wijst René me op een andere route. Als ik vanaf het ziekenhuis direct naar de snelweg ga is het rond spitstijd enorm druk. Er is dan een file om op de snelweg te komen. Dat heb ik vanmiddag gezien, maar toen ging ik daarlangs omdat ik de stad Utrecht in moest. Als ik morgen ook langs de file bij de oprit rijd, kan ik iets verderop rechtsaf. Dan ga ik via De Bilt en Zeist en kan dan een heel eind verderop de A12 op. Dan ben ik voorbij het drukste deel. Goed om te weten!